zaterdag 14 april 2007

Loch ness

We vertrokken 's ochtends uit Fort Augustus en hadden vele ongeplande stops die dag. De route voerde ons eerst over de bergen en we kwamen daar langs het Suidhe viewpoint, het hoogste punt in de omgeving waar je een schitterend uitzicht hebt. In tegenstelling tot de drukke Nederlandse wegen kun je rustig je auto aan de kant zetten, uitstappen en even om je heen kijken want we dan ook prompt deden. We vervolgden onze route die ons langs Loch Ness bracht en ook hier zetten we de auto aan de kant om even om ons heen te kijken. Nessie bleek niet thuis te zijn en we stapten dus wederom in de auto om de route te vervolgens.

Onze derde ongeplande stop bleek de falls of foyers te zijn, dit is een waterval die vanuit de rivier foyers het loch ness vult. We zetten de auto aan de kant bij het winkeltje annex restaurant annex café en liepen naar beneden waar de waterval in het meer uitmond. Daarna de route terug omhoog en een welverdiende bak koffie later stapten we in de auto voor de reis naar de eerste geplande stop van vandaag, Inverness.

vrijdag 13 april 2007

Fort Augustus

Onze vierde en laatste stop voor deze dag was wederom een fort en wel Fort Augustus. Hier vonden wij wederom een mooie bed & breakfast, de calledonian cottage. De auto werd voor de deur gezet en het dorp werd verkend. Fort William ligt aan de zuidpunt van Loch Ness (ja dat meer) en heeft een serie van sluizen die de waterhoogte regelt. Dit is samen met Nessie de hoofd toeristische attractie van het dorp.

Na het verkennen van de sluizen zochten we naar een pub om te gaan eten en kwamen bij The Lock inn pub terecht. Na een goede maaltijd waarbij een van ons wat Haggis als bijgerecht had, maar dit was niet het originele gerecht. De maaltijd was prima en na afloop namen wij een drankje waarbij het, wederom, opviel dat elke Schotse pub die wij bezochten een ruime collectie van single malt whisky's had, meer dan menig goed uitgerust café in Nederland. Na de maaltijd werd er nog wat in het dorp rondgekeken voor het tijd was om te bed te gaan na een erg drukke dag.

Fort William

Na een eerste stop voor een stuk cultuur en een tweede stop voor een stuk natuur besloten wij deze dag voor de derde keer de weg te verlaten. De reden was dit keer erg simpel, het was lunchtijd. Zo stopten we in Fort William, gelegen in de schaduw van de Ben Nevis, de hoogste berg van Schotland.

Het was erg druk in het dorp want er was markt, maar wij wisten een parkeerplaats te scoren en verlieten de auto om het dorp te gaan verkennen. Eerste stop was uiteraard een pub om een hapje te eten en dat is in Schotland geen enkel probleem. Al gauw zaten wij dan ook achter het standaard Schotse pub food (hamburgers en frieten) met een glaasje fris erbij om de batterijen weer op te laden. Na de maaltijd besloten we het dorp te verkennen en je kon zien dat de Ben Nevis de grote attractie van het dorp was. Souvenirs, reis boeken, foto boeken je kon het zo gek niet bedenken of het was wel te koop. We liepen een uurtje door de stad en besloten daarna onze weg te vervolgen.

Kinlochlaid garden

Na ons bezoek aan Dinnstaffnage castle vervolgden wij onze weg door de highlands totdat wij onze tweede ongeplande stop van de dag passeerden. Bij het dorp Appin bleek een bord te staan met bezoek Kinlochlaid garden, een fantastische ervaring.

Natuurliefhebbers als wij waren konden wij hier uiteraard geen weerstand aan bieden en de route werd fluks verlaten voor een bezoek aan deze tuin. Het bleek een centrum te zijn waar naast een bloeiden tuin met vele soorten bloemen en planten er uitleg gegeven werd over hoe men in vroegere tijden omging met het aanleggen van tuinen. Ook hier brachten wij geruime tijd door met door de tuin te wandelen en alles uitgebreid te bekijken voor we wederom in de auto stapten om onze route te vervolgen.

Dunnstaffnage castle

Na een goede nachtrust, geholpen door de aangeschafte fles Laphroig verlieten wij Oban om verder te reizen in Schotland. We kwamen echter niet veel verder want slechts enkele kilometers buiten Oban lag  Dunnstaffnage castle and chapel.

We stopten voor ons eerste Schotse kasteel en waren erg onder de indruk van de restanten van het verleden van de Schotten. Dit veranderde trouwens wel gedurende onze vakantie want we kwamen erachter dat elk dorp wel een historisch kasteel had met een heel mooi verhaal erbij. Aangezien dit onze eerste ruïne was liepen wij erg geïnteresseerd over de kasteel gronden en bezochten zowel kasteel als kapel. Mede geholpen door het mooie weer brachten wij hier enkele uren door voor we verder gingen voor het volgende stuk op de route van onze tweede dag in Schotland.

donderdag 12 april 2007

Oban

We liepen weer naar de haven waar we als eerste een pub inliepen om een biertje te gaan drinken. We kamen terecht bij Auley's bar, een sfeervolle Schotse pub. Na een pint gedronken te hebben gingen we verder en uiteraard moest er een kerk bezocht worden, zonder kerk geen vakantie.

We kwamen uit bij St Columba's kathedraal, een Ierse heilige die naar Schotland vertrok en aan wie erg veel wonderen toegeschreven werden. Na dut stukje cultuur was het tijd voor de maaltijd en, net zoals in Engeland, zijn er veel Pakistaanse restaurants te vinden in Schotland. We gingen er dan ook een binnen. Bij binnenkomst bleek het restaurant bijna verlaten en de angst sloeg ons om het hart over de kwaliteit van het voedsel. Gelukkig was daar niets mee aan de hand en na een uitstekende maaltijd liepen we via de haven terug naar onze  verblijfplaats. Onderweg moest er nog even een fles whisky (Laphroig) gekocht worden want je moest tenslotte nog een slaapmutsje kunnen nemen voor het slapen gaan.

Oban distillery

We liepen het korte stukje naar het centrum van Oban want daar lag het doel van ons bezoek, de distilleerderij. We liepen het visitor centre binnen en betaalden zeven pond per persoon voor een rondleiding. Het duurde een half uur voor de volgende tour zou starten dus wij keken wat rond op het terrein tot het tijd was.

De groep werd rondgeleid door een medewerkster die redelijk zakelijk het verhaal over het maken van whisky en het ontstaan van de distilleerderij uitlegde. Het was verboden foto's te maken en daar werd behoorlijk streng op gelet. We zagen wel de gigantische ketels, de still, de mash tuns en het lopende proces maar helaas, geen foto's. Na ongeveer een half uur kwamen we in een ruimte waar we een dram (een maatje) whisky te proeven kregen. Het was de standaard Oban botteling die we allemaal al kenden maar hij smaakte er niet minder om. Hij werd echter geserveerd in een nieuw type glas (het Schotse whiskyglas was nog geen jaar oud op dat moment) met het logo van Oban erop. Een van ons kon de verleiding niet weerstaan en nam er onopvallend eentje mee. Daarna werden we via de winkel (waar kennen we dat van) naar buiten geleid alwaar bleek dat het zojuist meegenomen glas gewoon te koop was voor vijf pond. Ter boetedoening werd dan maar een fles van een speciale botteling aangeschaft en zo verlieten wij onze eerste distilleerderij.

Callander - Oban

Na de lunch en de wandeling stapte de tweede chauffeur achter het stuur om te gaan wennen aan het links rijden. Hij zette de tweede etappe van de eerste dag in, de rit van Callander naar Oban onze eerste overnachtingsplaats.

Hoe dichter we in de buurt van Oban kwamen hoe slechter de wegen werden. Als eerste verlieten we de snelweg en werden het tweebaanswegen zonder asfalt. Zelfs in België was ik betere wegen gewend. Daarna werd het echter nog gezelliger want de tweebaanswegen hielden op en veranderden in eenbaanswegen waar toch verkeer in twee richtingen overheen moest. Hiertoe waren regelmatig passing places beschikbaar, een in de rosten gehouwen inham of in het bos uitgekapte open plek waar een auto dan in kon duiken terwijl de andere kon passeren.

Ongeschonden bereikten we Oban tenslotte om een bed & breakfast te zoeken. Aangezien het noch voor het echte toeristenseizoen was hadden we al gauw een mooie locatie gevonden vlak bij het centrum en de haven waar we twee kamers namen. De tassen werden uitgeladen, we fristen ons snel even op en verlieten de bed & breakfast om ons naar de eerste, van vele, whisky distilleerderijen te begeven.

Edinburgh - Callander

Na een korte vlucht arriveerden wij op de luchthaven van Edinburgh waar we bij Europcar onze auto gingen ophalen. Het bleek een Renault megane scénic te zijn, een prima auto voor ons vieren. De bagage werd achter in geworpen en wij namen plaats voor de eerste etappe. De zelf meegenomen Tom Tom werd geïnstalleerd en de eerste chauffeur kroop achter het stuur. Het links rijden was wel even wennen maar al gauw zaten wij op de brede snelweg die ons naar Oban zou brengen.

Halverwege was het tijd om te gaan lunchen en wij stopten in Callander waar de euro's voor ponden ingeruild werden en we op zoek gingen naar een lunchroom. Deze was rap gevonden en er werd simpel pub food besteld. Voor de een was dat een ham (of cheese) burger voor de ander sandwiches met tonijn. Uiteraard zaten overal frietjes bij, het moest tenslotte wel pub food blijven. Het was werkelijk schitterend weer en we maakten nog een korte wandeling door het dorp. Uiteraard was er een Rob Roy tentoonstelling maar deze hebben we niet bezocht want we wilden op tijd in Oban aankomen om nog een bezoek aan de distilleerderij te brengen.

Amsterdam - Edinburgh

Op donderdagochtend verzamelden vier whisky liefhebbers zich op Schiphol om een week lang een bezoek te brengen aan de bakermat van de whisky, Schotland. Twee uit Amsterdam, een uit Lelystad en een uit Almere. Het idee van de reis was geboren tijdens een van de whisky proeverijen die we in café L&B doorgebracht hadden en waar we op een gegeven ogenblik besloten om zelf een trip te gaan maken.

Uiteraard arriveerden ik en de andere Amsterdammer per trein, de makkelijkste methode om Schiphol te bereiken. De andere twee kwamen per auto want de vriendin van een van hun had hen gebracht. We ontmoeten elkaar in de vertrekhal van Easy Jet en hadden er ontzettend veel zin in. We hadden het er lang over gehad en eindelijk was het zover, de route was uitgestippeld en diverse distilleerderijen waren aangegeven die we zouden gaan bezoeken. Twee van de zes classic malts, Oban en Aberlour, stonden in ieder geval op de lijst en verder zouden we wel zien welke er op onze route lagen. Kortom alles was klaar voor een mooie week in Schotland. We stapten dan ook vol prettige vooruitzichten in het vliegtuig naar Edinburgh.